Terug naar hoofdinhoud

Besturingssysteem

Een computer bestaat uit allerlei onderdelen: een processor, geheugen, opslag en randapparatuur zoals een scherm, toetsenbord en muis. Maar zonder software kunnen die onderdelen niets doen.

Een besturingssysteem is het basisprogramma dat ervoor zorgt dat al die onderdelen samenwerken en dat jij de computer kunt gebruiken.

Je kunt het zien als een soort manager van de computer. Het besturingssysteem regelt bijvoorbeeld:

  • dat programma’s kunnen starten en werken
  • dat bestanden worden opgeslagen en teruggevonden
  • dat het toetsenbord, de muis en het scherm reageren
  • dat verschillende programma’s tegelijk kunnen draaien

Wanneer je een computer aanzet, start eerst het besturingssysteem. Daarna kun je pas andere programma’s gebruiken, zoals een webbrowser, tekstverwerker of e-mailprogramma.

Bekende besturingssystemen zijn bijvoorbeeld Windows, macOS en Linux. Zonder zo’n systeem zou een computer voor de meeste mensen niet te bedienen zijn. Van die drie genoemde besturingssystemen is Linux als enige open source software.

Kort gezegd: het besturingssysteem is de basissoftware die je computer bruikbaar maakt.